Inspiratie zoeken hoeft niet – het komt op mijn pad -2-

1 januari 2018 Nieuwjaarsmorgen een van de stilste ochtenden van het jaar.

De stilte na het knallende vuurwerk. De rust, na de onrust die decemberfeesten kunnen veroorzaken. Ik kruip mijn warme bed uit, de zon schijnt en trekt me al vroeg naar buiten. Er is bijna geen mens op straat op een enkele honden uit-later na.

1 januari 2018 kies ik voor ‘mijn’ lemniscaten plek in het Kooistee bos om deze dag, het begin van een nieuw jaar te vieren. 2018 voelt als een lemniscatenjaar de puntigheid van de 7 verruilt zich voor de rondingen van de 8.

De lemniscaat is een krachtig symbool. Het is een liggende acht. Overal en liefst in de natuur loop ik lemniscaten. Groot groter groots aan het strand bv, of klein kleiner kleinst in de tuin. Lemniscaten bewegend stilstaand vanuit mijn bekken, tekenend, bewegend erin in de energie om me heen. De doorgaande beweging met even rust in het centrum, geeft balans, laat voelen, centreert, laat ervaren waar ik sta in het hier en nu. Laat me samenvallen met mezelf, geeft éénwording. Thuiskomen in het centrum van de lemniscaat is telkens anders. Ik tekende dit symbool van oneindigheid met een vierkant om de cirkel. Het vierkant is mijn denk kader. De cirkel mijn telkens vernieuwende ik vanuit de on- eindigende beweging van de lemniscaat.

Één lus kan bezien worden als het verleden de ander als de toekomst, in het midden het nu daar gebeurd het.

Het is een puinhoop in het bos, de poel is uitgebaggerd, overal liggen vuurwerkresten en glas. Ik bezie het symbolisch als oude rotzooi van het aflopen jaar. Ik stap er overheen en beslis de komende dagen op te gaan ruimen. Realiserend dat de modder uit de poel een bron van vruchtbaar leven bevat. Ik richt me op de bomen, de zon en het groen. Mijn blik verruimt zich als vanzelf. Ik loop lemniscaten en voel me zo welkom op deze plek. Opeens wordt ik nieuwsgierig naar een plek tussen de kale hazelaars die ik in andere seizoenen gemakkelijk voorbij loop. Het heuveltje beklimmend sta ik opeens in de volle zon. Een nieuwe plek.
Hier sta ik in volle glorie gesteund en beschut en heb overzicht

Hoe symbolisch. Ik begin aan een nieuwe fase van mijn leven. Mijn werk, dat ik met hart en ziel doe, stop in de huidige vorm in juni. Het is tijd om vanuit een vernieuwde vorm mijn stappen te gaan zetten. Deze nieuwe lemniscaatplek lopend, stroomt er energie door al mijn cellen oplichtend en vitaliserend. Deze lemniscaat laat me zien dat ik mijn plannen graag te groot maak. Ik raak namelijk verstrikt in het bos tijdens het lopen. Plannen maken voor anderen, vanuit onzekerheid of onrust maakt vermoeid, verstrikt. De boodschap, het inzicht is duidelijk. Maak het moeitelozer, maak het kleiner. Dus kies ik een kleinere cirkel en laat me als vanzelf voortdragen door de aarde. Telkens als ik in het centrum terugkeer voedt het zonlicht me, ervaar ik verandering. De wind zingt door de takken van de populieren. Een mooie mantra zingt in mij.

May the longtime sun shine upon you, all love surround you, and the pure white light within you guide your way on.

De dagen na nieuwjaar wordt ik moe. Vernieuwde inzichten integreren kost tijd en vergt aanpassingen. Veel slapen is passend in de januari maand. Het voedende zonlicht dat na de zonnewende van 21 december aanzwelt is nog spaarzaam. Het licht is nog te kort aanwezig en nog te zwak om de nodige vitamine D te leveren. Vermoeidheid bedrukt het gemoed. De wens om voluit te leven, de leegte niet willen voelen. Daden willen volbrengen die het gemoed sussen en weghouden bij het ware Zijn. Het behoeft allemaal de aandacht deze dagen.

Dan komt er een boodschapper op mijn pad; mijn kleinzoon van 5 speelt doktertje. Ik ben de patiënt. ‘Het gaat niet goed met u’, zegt hij. Hij beluistert mijn hart. ‘Je hart doet het niet’ zegt hij. ‘Het staat stil’ . ‘Dan ben ik dood’ zegt ik . ‘Geeft niks’ zegt hij. ‘U heeft alles nodig uit de natuur’ ‘En brandnetels’. Even later geeft hij me een recept. Zijn recept is onleesbaar. De boodschap is duidelijk.
De verantwoording ligt bij mij. Ik mag luisteren naar mijn hart.

Rudolf Steiner heeft geschreven over de twaalf of dertien heilige nachten. Vanaf 24 of 25 december t/m 6 januari. Hij beschrijft de weg die de mens vanuit het esoterisch christendom bezien gaat. De weg van mensheid naar goddelijk wezen. In deze nachten worden mogelijkheden gecreëerd tot groei en bezinning en inzicht. Een periode die meer dan in andere jaargetijden een innerlijke verdieping en intieme geestelijke groei mogelijk maken. In het kerstverhaal dat me rond kerstmis binnen viel schreef ik; kerstmis is geen dag, het is een manier van leven; jouw licht doet ertoe.

Wat is eigenlijk het Licht dat er toe doet? Wat doe ik ermee? Hoe houdt ik het brandend? Deze vragen doen er toe.

In mijn vermoeidheid is het donker en leeg namelijk. Groeien is vermoeiend.

In de wachtstand staan in januari helpt. Mediteren helpt, niets forceren helpt.
Bewust worden van handelen en spreken. Aandacht voor wat is helpt.
Naar het hart luisteren helpt. Zelfhelend vermogen ontwikkelen helpt. Inzichten verwerven helpt.

 

Vertrouwen dat zaadjes tot ontkieming komen.
In volle glorie gaan staan
Mooi 2018- Mooi mens
Waar wij én de natuur elkaar ontmoeten belicht door het licht van de Bron groeit toekomst.

 

 

Thea Boom-Legierse.

  Praktijk voor natuurgeneeskunde één

Posted by Thea Boom